Wie betaalt de kosten voor raambewassing van een huurwoning?

Met enige regelmaat keert bij verhuurders het vraagstuk van de raambewassing terug. Zijn de kosten voor raambewassing nou voor de huurder, of zijn deze voor rekening van de woningcorporatie, de verhuurder?

De jurisprudentie op dit punt is niet geheel eenduidig, maar recent heeft de rechtbank Amsterdam een vonnis gewezen dat mijns inziens juist is.

Het zogenaamde Besluit Kleine Herstellingen speelt de hoofdrol in situaties als deze. In dit besluit is opgenomen dat het tot de verplichting van de huurder hoort om ramen te wassen en hij daar dus ook de kosten van draagt, voor zover deze ramen voor de huurder bereikbaar zijn. Kort gezegd als de huurder de ramen zelf kan wassen zijn de kosten voor hem, en als de ramen niet voor de huurder bereikbaar zijn, zijn de kosten van bewassing voor de verhuurder. Het besluit is van zogenaamd dwingend recht, wat betekent dat daar niet in de huurovereenkomst of in algemene huurvoorwaarden ten nadele van de huurder van kan worden afgeweken. En toch gebeurt dat soms wel.

De rechtbank Amsterdam zoekt inderdaad aansluiting bij het besluit en bij een eerdere uitspraak van het gerechtshof Den Haag en is dan ook van mening dat een verhuurder de kosten voor raambewassing (inclusief het arbeidsloon van de glazenwassers) van niet bereikbare ramen niet bij de huurder in rekening mag brengen.

Vastgesteld moet dus elke keer worden welk deel van de ramen wel voor een huurder bereikbaar zijn en welk deel van de ramen niet voor de huurder bereikbaar zijn. De conclusie is dan ook dat een huurder niet hoeft te betalen voor het wassen van die (delen van de) ramen die hij zelf niet kan bereiken. Een huurder is derhalve slechts kosten voor het wassen van wel bereikbare ramen verschuldigd als de verhuurder deze met instemming van de huurder schoonmaakt. De verhuurder dient dan uiteraard aan te tonen dat de huurder hier toestemming voor gegeven heeft.

Ongetwijfeld zal dit in de praktijk nog tot best lastige situaties kunnen leiden, omdat het ook nog eens per huurder kan verschillen: de ene huurder is nu eenmaal, al dan niet vanwege diens leeftijd, leniger en fysiek tot meer in staat dan de ander. Bijvoorbeeld in geval van een lichamelijke beperking kunnen de redelijkheid en billijkheid met zich mee brengen dat er toch een andere verdeling moet worden gevonden. Echter, als hoofdregel zal aangehouden moeten worden wat voor de gemiddelde huurder een wel of niet bereikbaar raam is. Is het een onbereikbaar raam dan zijn de kosten voor rekening van de verhuurder, is het een bereikbaar raam dan zijn de kosten voor rekening van de huurder.

Mocht u meer over dit onderwerp  willen weten, neemt u dan contact op met:

Mr Elizabeth Stegeman

Tel: 050 – 544 53 82 of  06 - 2929 3638

Email: stegeman@benkadvocaten.nl

glazenwasser

Auteur

mr. Elizabeth (W.E.A.) Stegeman

Gepubliceerd op

16-12-2020

Rechtsgebieden

Huurrecht