Uitspraak van de week: ‘Vaste prijs afgesproken: wanneer mag u die toch verhogen?’

U heeft met een opdrachtgever een vaste prijs afgesproken voor het verrichten van werkzaamheden. Tijdens de uitvoering blijken de kosten veel hoger uit te vallen dan verwacht. Kunt u die extra kosten bij uw opdrachtgever in rekening brengen?

Artikel 7:753 BW biedt daarvoor onder omstandigheden ruimte. De Rechtbank Rotterdam oordeelde onlangs in een zaak waarin een garage te maken kreeg met hogere kosten, doordat de opdrachtgever onjuiste informatie aan de garage had verstrekt (link).

De feiten

Een garage had afgesproken om voor € 9.500,00 een motor van een Range Rover te vervangen. Die prijs was gebaseerd op de mededeling van de klant dat het om een Range Rover Evoque ging. Later bleek het echter om een Range Rover Vogue te gaan, waarvoor een duurdere motor nodig was. Daarnaast was de oude motor inmiddels al gedemonteerd en ontbraken er verschillende onderdelen.

De garage kreeg daardoor te maken met aanzienlijk hogere kosten en meer werkzaamheden. Die extra kosten bracht de garage bij de klant in rekening. De klant was het daar niet mee eens en wilde zijn auto terug, zonder de bijkomende kosten te betalen.

Kostenverhogende omstandigheden: wat is de hoofdregel?

Tijdens de uitvoering van werkzaamheden kunnen zich kostenverhogende omstandigheden voordoen waarmee de aannemer bij het bepalen van de prijs geen rekening hoefde te houden. Denk bijvoorbeeld aan problemen die pas tijdens de uitvoering aan het licht komen.

Artikel 7:753 lid 1 BW bepaalt dat de rechter in zo’n geval de overeengekomen prijs kan aanpassen. Omstandigheden waarvan de opdrachtgever mocht verwachten dat deze al in de prijs waren verdisconteerd, blijven voor rekening van de aannemer.

De aannemer moet de opdrachtgever wel zo spoedig mogelijk waarschuwen voor de noodzaak van een prijsverhoging. De opdrachtgever krijgt daardoor de gelegenheid om bijvoorbeeld een voorstel te doen om het werk te beperken of te vereenvoudigen.

En als de opdrachtgever zelf verkeerde informatie heeft gegeven?

Lid 2 bevat daarop een belangrijke uitzondering. Vloeit de kostenverhoging voort uit onjuiste gegevens die door de opdrachtgever zijn verstrekt en die relevant waren voor het bepalen van de prijs? Dan kan de prijs in beginsel ook zonder tussenkomst van de rechter worden aangepast.

Dat was ook aan de orde in de Rotterdamse zaak. Volgens de rechtbank was sprake van kostenverhogende omstandigheden die waren veroorzaakt door onjuiste informatie van de klant. De voorzieningenrechter oordeelde dat de garage op grond van artikel 7:753 lid 2 BW de afgesproken prijs mocht aanpassen.

Wat betekent dit voor u als ondernemer?

Een vaste prijs is dus niet altijd definitief. Doen zich tijdens het werk kostenverhogende omstandigheden voor, dan kan artikel 7:753 BW ruimte bieden om de prijs aan te passen. Welke mogelijkheden u heeft, hangt daarbij mede af van de oorzaak van de kostenverhoging.

Leg vooraf goed vast op welke gegevens en uitgangspunten uw prijs is gebaseerd. Blijkt tijdens de werkzaamheden dat die uitgangspunten niet kloppen, communiceer de gevolgen voor de prijs dan duidelijk.

Heeft u te maken met onverwachte kosten of discussie over een prijsverhoging? Neem dan gerust contact met ons op. Wij denken graag met u mee.

Volgend bericht Een volledig digitale algemene (leden- of aandeelhouders)vergadering wordt mogelijk, maar is uw organisatie daar klaar voor?
← Terug naar Actueel