Ontbreken concurrentiebeding geeft geen vrij spel

In de uitspraak van deze week gaat het om een geschil over de overname van een onderneming. Onder de naam Design92 is A sinds de jaren negentig actief in de productie van sublimatie- en printartikelen. Begin 2020 verkoopt A zijn onderneming aan B, maar hij blijft wel voor de onderneming werkzaam. Nadat er onenigheid ontstaat tussen A en de  bedrijfsleiding, verlaat A het bedrijf. Hij richt een nieuwe website op en stuurt een onbekend aantal mensen een e-mail waarin hij aangeeft dat hij voor zijn vaste klantenkring weer op eigen houtje sublimatiewerkzaamheden gaat verrichten.

In de procedure, aangespannen door Design92, voert Design92 aan dat A haar onrechtmatige concurrentie aandoet. De rechter gaat hierin mee. In de koopovereenkomst was weliswaar geen concurrentie- of relatiebeding opgenomen, maar dat betekent volgens de rechter niet dat het A zomaar vrij stond om vervolgens in de directe omgeving een vergelijkbare onderneming te starten met dezelfde bedrijfsactiviteiten. Het verrichten van dergelijke concurrerende handelingen valt immers niet te rijmen met de strekking van de overnameovereenkomst. De rechter verbiedt A daarom om voor de duur van één jaar dezelfde of vergelijkbare werkzaamheden te verrichten, zij het dat dit verbod wordt beperkt tot de bestaande klanten van Design92.

De uitspraak illustreert goed dat de verhouding tussen twee partijen niet alleen wordt ingevuld door wat zij uitdrukkelijk afspreken. Hoewel er niets over concurrentie en de bestaande klantenkring was afgesproken, mocht Design92 er in de gegeven omstandigheden op vertrouwen dat A haar niet op deze wijze concurrentie zou aandoen.

Wilt u de uitspraak zelf lezen? Dat kan hier.

Overeenkomst

Auteur

mr. Mart (M.O.) Thijsen

Gepubliceerd op

14-06-2021

Rechtsgebieden

Ondernemingsrecht