Blogreeks ‘de juridische gereedschapskist voor ondernemers’
Deel 3: De ingebrekestelling: Hoe één brief het geschil kan kantelen
In onze blogreeks ‘De juridische gereedschapskist voor ondernemers’ bieden wij praktische handvatten om de dagelijkse bedrijfsvoering juridisch sterker, efficiënter en risicobestendiger te maken. In ieder deel behandelen we een onderwerp waar u als ondernemer mee te maken kunt krijgen — inclusief concrete tips.
In dit derde deel behandelen we een belangrijke brief: de ingebrekestelling. Dit instrument vormt vaak de sleutel tot ontbinding van een overeenkomst, het vorderen van schadevergoeding of het treffen van andere rechtsmaatregelen.
Wat is een ingebrekestelling?
Een ingebrekestelling is een schriftelijke aanmaning waarin de schuldenaar een redelijke termijn wordt geboden om alsnog aan zijn contractuele verplichtingen te voldoen. Uit de aanmaning moet duidelijk blijken wat er precies van de schuldenaar wordt verlangd. In de praktijk wordt vaak een termijn van veertien dagen gehanteerd. Of deze termijn redelijk is, is afhankelijk van de omstandigheden van het geval en de omvang van de contractuele verplichting. De schuldenaar moet een redelijke kans worden geboden om alsnog te presteren.
Wanneer nakoming binnen de termijn uitblijft, treedt de wederpartij in verzuim. Dit is een noodzakelijke voorwaarde om schadevergoeding te kunnen vorderen of de overeenkomst te ontbinden (waardoor de overeenkomst eindigt).
Een correcte ingebrekestelling is daarom van groot belang.
Praktijkvoorbeeld: Uitspraak Rechtbank Overijssel (link)
Dit belang kwam duidelijk naar voren in een recente zaak bij de rechtbank Overijssel. Partijen waren overeengekomen dat de hengst van eiser de merrie van gedaagde zou dekken. Het veulen zou vervolgens worden verkocht en de opbrengst verdeeld.
Na een confrontatie tussen partijen, nam gedaagde het veulen mee naar een voor eiser onbekende locatie. Eiser stelde dat er sprake was van een tekortkoming in de nakoming en vorderde vervangende schadevergoeding.
De rechtbank wees de vordering af. Van belang was dat eiser geen nakoming (namelijk: verkoop van het veulen) vorderde, maar schadevergoeding. Nakoming van de overeenkomst was nog mogelijk, nu het veulen nog steeds kon worden verkocht. Het was dus vereist dat gedaagde in verzuim verkeerde. Dit verzuim kon in deze casus enkel intreden via een ingebrekestelling. Aangezien die niet was verzonden, was gedaagde niet in verzuim geraakt. De vordering tot schadevergoeding werd daarom volledig afgewezen, terwijl de afspraken (nog) niet waren nagekomen.
Uitzonderingen
Het ontbreken van een ingebrekestelling had in bovenstaande zaak verstrekkende gevolgen. Hoewel een ingebrekestelling in veel gevallen noodzakelijk is, kent de wet een aantal belangrijke uitzonderingen.
Artikel 6:83 Burgerlijk Wetboek bevat drie (niet-limitatieve) uitzonderingen, namelijk:
- Het verstrijken van een fatale termijn;
- Wanneer het gaat om een verbintenis tot schadevergoeding die niet wordt nagekomen;
- Wanneer uit een mededeling van de schuldenaar kan worden afgeleid dat deze niet zal nakomen.
Conclusie
Bovenstaande uitspraak illustreert het belang van het verzenden van een ingebrekestelling. Heeft u zelf te maken met een wederpartij die de afspraken niet (volledig) nakomt? Controleer dan altijd zorgvuldig:
- Is een ingebrekestelling vereist?
- Is de inhoud juridisch correct en volledig?
- Is de gestelde termijn redelijk?
Een correcte ingebrekestelling kan immers het verschil maken tussen een toe- of afwijzing van uw vordering én juridische problemen voorkomen.
Twijfelt u of een ingebrekestelling vereist is en/of deze voldoet aan de wettelijke vereisten? Wij adviseren u graag. U kunt contact opnemen voor advies via 050-313 64 16 of info@benkadvocaten.nl.